Verbonden partijen

Algemeen

In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de bestuurlijke, beleidsmatige en financiële belangen en risico’s van de gemeente als gevolg van banden met externe rechtspersonen, waarin de gemeente zowel financieel deelneemt als zeggenschap heeft.

Verbonden partijen zijn rechtspersonen waarmee de gemeente een bestuurlijke én financiële band heeft. Van een bestuurlijke band is sprake indien de gemeente rechtstreeks invloed heeft op de besluitvorming binnen de verbonden partij. Een financieel belang is aan de orde als de gemeente financieel kan worden aangesproken wegens het functioneren van de verbonden partij of wanneer de gemeente geld kan kwijtraken bij een faillissement van een verbonden partij.

Zoals aangegeven bij de spelregels uit de nota Verbonden Partijen geeft de raad voor de meerjarenbegrotingen 2022-2025 in het najaar de richtlijnen mee waaraan deze begrotingen moeten voldoen. De richtlijnen die de gemeente Steenbergen meegeeft maken deel uit van deze paragraaf. Met het vaststellen van de begroting worden ook deze richtlijnen vastgesteld. De richtlijnen bestaan uit algemene richtlijnen, waaraan de verbonden partijen moeten voldoen en uit specifieke richtlijnen die voor de betreffende partij gelden. De algemene richtlijnen zijn hieronder opgenomen. De specifiek richtlijnen, zowel financieel als beleidsmatig, zijn opgenomen bij de betreffende verbonden partij.

Vormen van verbonden partijen zijn:

Verbonden partijen met een privaatrechtelijk karakter

Bij deze verbonden partijen is er sprake van financiële en/of bestuurlijke belangen (zeggenschap) van de gemeente in private rechtspersonen zoals vennootschappen (Naamloze Vennootschap (NV), Besloten Vennootschap (BV)), stichtingen en verenigingen. Gemeenten kunnen ook participeren in instellingen zonder eigen rechtspersoonlijkheid. Deze instellingen vallen onder de rechtspersoonlijkheid van de instelling waar zij deel van uitmaken.

Verbonden partijen met een publiekrechtelijk karakter

Bij deze verbonden partijen gaat het om deelname van de gemeente aan gemeenschappelijke regelingen op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr). De Wgr is in essentie het wettelijk kader voor de -vrijwillige- samenwerking tussen gemeenten en/of provincies voor uitvoering van lokale taken.

Er zijn verschillende varianten voor een gemeenschappelijke regeling. De zwaarste vorm is een gemeenschappelijke regeling met een openbaar lichaam en heeft de status van een rechtspersoon. De lichtere vormen zijnde een gemeenschappelijk orgaan, de centrumgemeente-variant en de samenwerkingsovereenkomst zijn gemeenschappelijke regelingen zonder eigen rechtspersoonlijkheid en derhalve in formele gezin geen verbonden partij.

Nota Verbonden Partijen

De gemeenteraad van Steenbergen heeft op 24 september 2015 de nota Verbonden Partijen - zes kaderstellende spelregels vastgesteld. In deze in regionaal verband opgestelde notitie zijn spelregels opgenomen om een betere beheersbaarheid van de samenwerkingsverbanden en een een vergroting van de invloed van de gemeenteraden te bewerkstelligen.

De zes kaderstellende spelregels voor de Verbonden Partijen betreffen:

  1. Bij het aangaan van een verbonden partij leggen de deelnemers nadrukkelijk vast hoe de informatievoorziening (frequentie, vorm en inhoud) dient te verlopen en welke evaluatiemomenten er zijn.
  2. Er dient een tijdige, juiste en volledige (actieve) informatiestroom op gang te worden gebracht, die het mogelijk maakt verantwoording af te leggen en die de raad in positie brengt om (gevraagde) nieuwe kaders te stellen. Zowel het college, de verbonden partij als de gemeenteraad zelf dienen hierin hun verantwoordelijkheid te nemen.
  3. Gemeenten bundelen de krachten en dragen samen zorg voor integrale aansturing. Zowel ambtelijke als bestuurlijke voorbereiding gebeurt (deels) gezamenlijk met ruimte voor lokale aanvullingen, waarbij één bepaalde gemeente per verbonden partij de leiding neemt.
  4. Jaarlijks in november sturen deelnemers van de verbonden partij richtlijnen aan de verbonden partij waarop de beleidsmatige en financiële kaders gebaseerd dienen te worden. In de kaderbrief geeft de gemeenschappelijke regeling op hoofdlijnen de uitgangspunten voor de begroting aan. Voor NV’s en BV’s gelden uiteraard de bepalingen uit het Burgerlijk Wetboek (BW).
  5. De ontwerpbegroting wordt uiterlijk 15 april door de gemeenschappelijke regeling naar de deelnemers gestuurd. De zienswijzen van de deelnemers dienen uiterlijk 1 juli door de gemeenschappelijke regeling te zijn ontvangen.
  6. Vierjaarlijks is de gemeenschappelijke regeling verplicht om een meerjarenbeleidsplan op te stellen. Het meerjarenbeleidsplan, dat bij aanvang van een nieuwe raadsperiode wordt opgesteld, is samen met de jaarrekening de basis om de resultaten van de gemeenschappelijke regelingen over een periode van vier jaar te evalueren.

BBV

Het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) is ook van toepassing op de gemeenschappelijke regelingen, voor zover zij een eigen begroting en jaarrekening moeten opstellen.

Artikel 15 van het BBV schrijft over de paragraaf verbonden partijen het volgende voor:

1. De paragraaf betreffende de verbonden partijen bevat ten minste:

  • de visie op en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen
  • de lijst van verbonden partijen, die wordt onderverdeeld in:
    • gemeenschappelijke regelingen;
    • vennootschappen en coöperaties;
    • stichtingen en verenigingen, en,
    • overige verbonden partijen.
  • de lijst van verbonden partijen.

2. In de lijst van verbonden partijen wordt ten minste de volgende informatie opgenomen:

  • de wijze waarop de provincie onderscheidenlijk de gemeente een belang heeft in de verbonden partij en het openbaar belang dat ermee gediend wordt;
  • het belang dat de provincie onderscheidenlijk de gemeente in de verbonden partij heeft aan het begin en de verwachte omvang aan het einde van het begrotingsjaar;
  • de verwachte omvang van het eigen vermogen en het vreemd vermogen van de verbonden partij aan het begin en aan het einde van het begrotingsjaar;
  • de verwachte omvang van het financiële resultaat van de verbonden partij in het begrotingsjaar;
  • de eventuele risico’s van de verbonden partij voor de financiële positie van de provincie onderscheidenlijk gemeente.

Financiële gegevens

Uitgangspunt is dat financiële gegevens over 2021 worden vermeld. Als deze niet bekend zijn dan worden de laatst bekende financiële gegevens opgenomen.

Lijst verbonden partijen van de gemeente Steenbergen

De verbonden partijen van onze gemeente zijn, conform het BBV, gesplitst in:

Gemeenschappelijke regelingen:

  1. Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (VRMWB)
  2. Gemeenschappelijke regeling Openbare Gezondheidszorg West-Brabant (GGD)
  3. Werkvoorzieningschap West-Noord-Brabant (WVS-groep)
  4. Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord (RAV)
  5. Gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant (hieronder o.a. Rewin en KCV)
  6. Gemeenschappelijke regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten
  7. Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB)
  8. Intergemeentelijke Sociale Dienst Brabantse Wal (ISD BW)
  9. West-Brabants Archief (WBA)

Vennootschappen en coöperaties:

  1. NV Bank voor Nederlandse Gemeenten (BNG)
  2. NV Brabant Water

Stichtingen en verenigingen:

  1. Stichting Samenwerken
  2. Stichting inkoopbureau West-Brabant

Overige verbonden partijen:

N.v.t.

Algemene financiële richtlijnen begroting 2022 gemeenschappelijke regelingen

  1. Van het Dagelijks Bestuur (DB) van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) wordt verwacht dat zij een structureel financieel-sluitende meerjarenbegroting 2022-2025 aanbiedt aan de deelnemers. De gehanteerde begrotingsuitgangspunten door de GR dienen in de begroting 2022 van de GR inzichtelijk te worden gemaakt. In de begroting 2022 dient een overzicht te worden opgenomen met de meerjarige bijdrage (2022 t/m 2025) per deelnemer.
  2. De begroting en jaarrekening dienen te voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Dit betekent dat de voorgeschreven gegevens dienen te worden opgenomen.Met name wordt aandacht gevraagd voor:
    • een overzicht van incidentele lasten en baten per programma;
    • een specificatie van lasten en baten per programma;
    • het opnemen van een meerjarig investeringsplan in de begroting;
    • het opnemen van (prestatie) indicatoren in de begroting;
    • de verwachte stand begin en eind begrotingsjaar van Eigen en Vreemd vermogen.
  3. De begroting dient te worden opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Dat wil zeggen dat geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting mogen worden opgenomen, tenzij dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten.
  4. De begroting bevat een overzicht met het verloop de reserves. In dit overzicht is te zien wanneer en voor welk bedrag per jaar de reserve wordt ingezet. Ook bevat dit overzicht een toelichting waar in het doel van de reserve wordt omschreven.
  5. De begroting 2022 dient te worden opgesteld op basis van een gelijkblijvende gemeentelijke bijdrage t.o.v. het begrotingsjaar 2021. Voor de meerjarenbegroting 2022-2025 dient deze gelijkblijvende bijdrage voorlopig als uitgangspunt genomen te worden.
  6. Een positief resultaat vloeit terug naar de deelnemers. De GR kan hiervan afwijken; hiertoe dient het DB een expliciet en gemotiveerd voorstel tot resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur van de GR.
  7. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is aandacht voor de risico’s door deze te kwantificeren, te prioriteren en de beheersingsmaatregelen te benoemen.
  8. Binnen twee jaar na inwerkingtreding van de wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen brengen de deelnemers de regeling in overeenstemming met de gewijzigde Wgr.

Gemeenschappelijke regelingen:

1. Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant (VRMWB)

Vestigingsplaats

Tilburg

Openbaar belang

Binnen de gemeenschappelijke regeling werken de deelnemende gemeenten samen ten behoeve van de goede behartiging van de zorg voor de veiligheid van en de hulpverlening aan de burgers in hun werkgebied. Dit in het bijzonder bij de voorbereiding op en het bestrijden van ongevallen en rampen. De missie luidt: Samen maken wij onze regio veiliger.

Wij zijn een krachtige en gerespecteerde speler in het veld van fysieke veiligheid. Wij stimuleren dat de samenleving bewust met risico’s om kan gaan. Wij helpen om goede afwegingen te maken door onze expertise actief te delen en treden slagvaardig en vakbekwaam op. Wij zijn betrouwbaar omdat we altijd hulp bieden of een handelingsperspectief geven.”

Betrokkenen

Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Midden en West-Brabant is een gemeenschappelijke regeling van de 24 gemeenten. Dit valt samen met het werkgebied van de politieregio Midden- en West- Brabant.

Bestuurlijk belang

Het algemeen bestuur bestaat uit leden van de deelnemende gemeenten, elk lid heeft één stem in de vergadering. De gemeenteraad wijst hiervoor de burgemeester, een wethouder of een raadslid aan als lid. Het dagelijks bestuur bestaat uit een voorzitter en zes andere leden. Deze zes leden worden als volgt aangewezen:

  • Twee leden die ook lid zijn van de Bestuurscommissie Geneeskundige Hulpverlening
  • Twee leden die ook lid zijn van de Bestuurscommissie Regionale Brandweer
  • Twee leden die ook lid zijn van het dagelijks bestuur van de Politieregio Midden- en West-Brabant.

Financieel belang

Thema Fysieke leefomgeving en Duurzaamheid

Voor het jaar 2021 bedraagt de bijdrage €1.405.316-.

Vanaf 2019 is sprake van een actualisatie van het kostenverdeelmodel, zodat de bijdrage beter aansluit bij de bijdrage die gemeenten krijgen vanuit het gemeentefonds. Om te voorkomen dat er grote verschillen ontstaan in de gemeentelijke bijdragen, is er gekozen voor een overgangsperiode van 3 jaar. DIt leidt voor steenbergen tot een hogere bijdrage.

Risico's

Risicomanagement is een belangrijk instrument voor de Veiligheidsregio. Hierop wordt dan ook veel aandacht aan besteed. Het proces is effectief ingericht, het gehele proces, van de identificatie tot en met evaluatie van beheersmaatregelen, wordt consequent doorlopen.

De belangrijkste risico's zijn vastgelegd in een risicomatrix. Het belangrijkste, in de begroting 2021 opgenomen, risico betreft de mogelijke aansprakelijkheidsstelling door omliggende bedrijven van Chemie Pack in Moerdijk in verband met de schade als gevolg van de brand op 5 januari 2011. Door de advocaat is in een brief aan de Gemeente Moerdijk en de Veiligheidsregio een bedrag genoemd van € 26 miljoen (exclusief rente en kosten). De veiligheidsregio heeft geen algemene reserve die kan dienen om de risico's op te vangen.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € 16.732.000,- eind 2021 € 14.335.000,-

Vreemd vermogen begin 2021 € 46.316.000,- eind 2021 € 50.688.000,-

Verwacht resultaat 2021 €,-

Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2022

  1. De Gr wordt gevraagd om transparantie van budgetten door middel van productkaarten waarbij met scenario’s de gevolgen in beeld te brengen waarop keuzes gemaakt kunnen worden die kunnen leiden tot meer financiële beheersbaarheid ( de zogenaamde zero-based methode).

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

De Veiligheidsregio heeft als taak zorg te dragen voor crisisbeheersing, risicobeheersing, brandweerzorg, bevolkingszorg en geneeskundige hulpverlening bij rampen en crises met als doel gezamenlijk de fysieke veiligheid en maatschappelijke continuïteit in de regio te borgen. Zodoende draagt de veiligheidsregio Midden- en West-Brabant bij aan een veilige omgeving.

In het beleidsplan 2019-2023 zijn actiepunten opgenomen, die uiterlijk in 2023 moeten zijn gerealiseerd. In de kaderbrief 2022 geeft de Veiligheidsregio aan welke actiepunten in 2022 centraal staan. In de begroting geeft de Veiligheidsregio aan op welke wijze deze actiepunten worden ingevuld.

De begroting 2022 bevat informatie en kengetallen met informatie over toezicht en handhaving van:

  • BRZO- bedrijven;
  • BRZO+ -bedrijven;
  • Zorginstellingen
  • Overig

De begroting 2022 bevat kengetallen/ informatie over de omvang van het ambtelijk apparaat /organisatie alsmede van de financiële ramingen daarvan:

  • aantal vrijwilligers;
  • aantal beroeps repressief;
  • aantal medewerkers risicobeheersing (advies & vergunningverlening, toezicht & handhaving);
  • aantal medewerkers overig (uitgesplitst naar overhead, veiligheidsbureau);
  • aantal medewerkers witte kolom, oranje kolom;
  • opgave van het materieel (per categorie) per post en het aantal posten.

Prestaties apparaat

De begroting 2022 bevat informatie en kengetallen (voor zover nog niet opgenomen en zo mogelijk steeds op een eenduidige manier) over:

a. Onderdeel repressie

  • aantal uitrukken (uitgesplitst zoals nu) en uitgesplitst naar scenario;
  • inzetten vrijwilligers, beroeps, witte en oranje kolom;
  • overschrijdingen inzetten;
  • slachtoffers brand en ongevallen gevaarlijke stoffen, infectieziekten cat A.

b. Onderdeel preparatie

  • planvorming (RCP, RBP, lBP, bereikbaarheidskaarten);
  • (M)OTO (brandweer, witte kolom, oranje kolom, multi);
  • Gebieden waar wordt voldaan aan het regionaal beleid voor bluswater en bereikbaarheid;
  • Inzet en data Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK).

c. Onderdeel preventie/pro-actief

  • Advisering;
  • Inzicht in aantallen kazernes, waarbij aangegeven welke voldoen aan de eisen;
  • Ruimtelijke ordening en projecten;
  • Evenementen;
  • Vergunningen Milieu (BRZO, BRZO+, overig);
  • Vergunningen Bouw;
  • Voorlichting;
  • Voldoen van de brandweerkazernes aan “gezond en veilig werken”

d. Onderdeel meldkamer

  • stand van zaken m.b.t. capaciteit en inzet CACO’s en prestaties meldkamer.

e. Onderdeel controles, toezicht en handhaving

  • hoe staat het met de implementatie van het basistakenpakket?
  • een algemene rapportage over de bevindingen van de controles (aantallen, overtredingen,opgelegde sancties) met zo mogelijk een differentiatie per gemeente.

Verder zijn we benieuwd naar het volgende (deze zaken mogen ook terugkomen als projectvoortgang binnen de Berap):

  • Voortgang Safety Village (kosten, gebruik, etc.)
  • Voortgang Risk Factory
  • Prestaties meldkamer (ook i.r.t. gebruik als RCC)

2. Gemeenschappelijke regeling Gemeenschappelijk Gezondheidsdienst West-Brabant (GGD)

Vestigingsplaats

Breda

Openbaar belang

Zorg te dragen voor minimaal de uitvoering van de wettelijk aan de gemeente opgedragen taak van collectieve preventie en inhoud te geven aan de voor de deelnemende gemeenten noodzakelijke en de door de deelnemende gemeenten gewenste samenwerking op het terrein van de openbare gezondheidszorg en de preventieve gezondheidszorg.

Doel

Het behartigen van de belangen van de gemeenten op het gebied van de publieke gezondheid.

Betrokkenen

De volgende gemeenten nemen deel: Altena, Alphen-Chaam, Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Halderberge, Moerdijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Woensdrecht en Zundert.

Bestuurlijk belang

Binnen de GGD worden twee bestuursorganen onderscheiden:

  • Algemeen bestuur: hierin hebben vertegenwoordigers van alle gemeenten zitting, aangevuld met twee vertegenwoordiger namens de GGD
  • Dagelijks bestuur: vanuit het algemeen bestuur heeft minimaal een viertal personen tevens zitting in het dagelijks bestuur, aangevuld met 2 bestuursleden op basis van deskundigheid.

Financieel belang

Thema Mens en Samenleving

De deelnemende gemeenten dragen bij in het nadeling saldo naar rato van het aantal inwoners. De bijdrage van de gemeente Steenbergen in 2021 bedraagt € 493.369,- (2020: € 475.691,-). Het belang van de gemeente Steenbergen in de GGD WB heeft bedraagt 2,51%.

Risico's

Uit de uitgevoerde kansberekening -via de Monte Carlo simulatie van alle risico’s met impact en kans- komt met een betrouwbaarheid van 90% een verwachte schadelast van € 6,6 mln. Bij een betrouwbaarheid van 75% is de uitkomst € 4,3 mln. Door deze wijze van berekening is de schadelast daarmee gelijk aan de benodigde weerstandscapaciteit, gegeven de betrouwbaarheid van de kansberekening (en onder de aanname van normaal verdeelde kansen). Uitgedrukt in een percentage is op 90% betrouwbaarheid de dekkingsratio 26%. Op 75% betrouwbaarheid is het dekkingspercentage 40%.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € 4.469.000,- eind 2021 € 4.550.000,-

Vreemd vermogen begin 2021 € 10.500.000,- , eind 2021 € 10.500.000,-

Resultaat 2021 € -,-

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

  1. De GGD voert in West-Brabant de in de Wet Publieke gezondheid aan de gemeenten opgedragen taken uit. Op onderdelen betreft dit ook taken die vallen onder de Jeugdwet, Omgevingswet en de wet op de Veiligheidsregio’s. De GGD blijft alert op de rol die zij in ketenaanpakken heeft, waarbij passende aansluiting op het lokale beleid leidend is. Voor kwetsbare burgers die onvoldoende regie kunnen voeren levert de GGD in afstemming met ketenpartners de benodigde bijdrage aan een adequaat vangnet.
  2. De 3 in de ‘Agenda van de Toekomst’ opgenomen (hoofd)ambities zijn leidend voor de opstelling van de Begroting 2022. De GGD zorgt er tevens voor dat in deze begroting:
    1. De in overleg met gemeenten aangescherpte prestatie-indicatoren zijn opgenomen, met het doel beter zicht te verkrijgen op de te behalen resultaten.
    2. Een overzicht is opgenomen met een uitsplitsing van de kosten van de basistaken en de kosten van de aanvullende ambities die de GGD bovenop deze taken uitvoert.
    3. Aangegeven wordt welke taak/taken – op basis van de in 2021 uitgevoerde verkenning – mogelijk uit het basistakenpakket gehaald kunnen worden en in volgende jaren als plusproduct kunnen worden ingekocht.
  3. Eén van de ambities van de GGD betreft de verdere uitbouw en versterking van de preventieve taken. Belangrijk onderdeel hiervan is het regionaal en lokaal invulling geven aan het Nationale Preventieakkoord; dit via het maken van onderbouwde keuzes in maatregelen. In goede samenwerking met gemeenten en lokale ketenaanpakken bouwt de GGD voort aan maatregelen die inwoners stimuleren “de gezonde keuze te maken”.
  4. Ten behoeve van de ‘Modernisering van de GGD-dienstverlening’ heeft het Algemeen bestuur ingestemd met de vorming van een bestemmingsreserve van € 300.000,- (vanuit het positief resultaat 2019). In de begroting 2022 geeft u een beschrijving van deze moderniseringsslag en de effecten hiervan plus inzicht in het verloop van deze reserve.
  5. Per 2021 heeft het rijk de Decentrale Uitkering Uitstapprogramma Prostituees (DUUP) ingevoerd met Tilburg als centrumgemeente voor Midden- en West-Brabant en Zeeland. In 2021 blijft de landelijke bijdrage voor het uitstapprogramma nog gelijk aan 2020 en is ook al een gemeentelijke bijdrage van maximaal € 150.000,- in uw begroting voor 2021 opgenomen. Vanaf 2022 is landelijk voor West-Brabant € 40.000,- minder beschikbaar. Op basis van een evaluatie in 2021 laat u het Algemeen bestuur een Besluit nemen over hoe het uitstapprogramma vanaf 2022 het best gecontinueerd kan worden en in welke mate daarbij een gemeentelijke bijdrage benodigd is.
  6. In de begroting 2021 is opgenomen dat de GGD inzet op preventie van ziekteverzuim binnen het primair onderwijs. U zou graag de M@zl-aanpak in het PO willen invoeren en u verwacht hiervoor extra middelen nodig te hebben. In een voorstel onderbouwt u wat de implementatie van M@zl in het PO inhoudelijk en financieel voor gevolgen heeft en hoe u aansluit bij bestaande overlegstructuren en u legt dit in een te nemen Besluit aan het Algemeen bestuur voor.

3. Gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap West-Brabant (WVS-groep)

Vestigingsplaats

Roosendaal

Openbaar belang

Verzorgt voor de 9 deelnemende gemeenten de sociale werkvoorziening in West-Brabant.

Doel

De WVS-groep heeft als missie dat zij als maatschappelijke organisatie mensen kansen biedt om zichzelf door middel van arbeid te ontwikkelen met als doel het vinden van regulier werk of werk in een (meer) beschutte omgeving. De WVS-groep voert haar missie uit in aansluiting op het gemeentelijke beleid van de in de gemeenschappelijke regeling betrokken gemeenten om de sociale werkvoorziening regionaal aan te pakken.

De gemeente Steenbergen participeert dus om invulling te geven aan zijn wettelijke verplichting op een wijze die tevens leidt tot de realisatie van efficiencywinst.

Betrokkenen

In de gemeenschappelijke regeling nemen de volgende gemeenten deel: Bergen op Zoom, Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Woensdrecht en Zundert.

Bestuurlijk belang

De negen gemeenten uit het werkgebied West Noord-Brabant hebben één afgevaardigde in het Algemeen Bestuur, plus een secretaris. Daarnaast is sprake van een Dagelijks Bestuur waarin vertegenwoordigers uit drie gemeenten worden gekozen, aangevuld met een secretaris en een adviseur.

Financieel belang

Thema Economie, Toerisme en Recreatie

Met ingang van 1 januari 2008 ontvangt de gemeente het decentraal budget Wet Sociale Werkvoorziening. In principe wordt aan het werkvoorzieningschap een bijdrage betaald voor een minimumaantal te plaatsen Standaard Eenheden WSW werknemers. Indien dit aantal en de vergoeding per SE niet afwijkt van de door het rijk vastgestelde aantallen en bedragen zal er geen manco ontstaan tussen het ontvangen budget en de door de gemeente te betalen bijdragen.

Aansluitend op de missie van de WVS-groep, verstrekt de gemeente een financiële bijdrage per SWmedewerker uit de gemeente Steenbergen. Het verlies van WVS bedraagt in 2021 € 9.378.000,-. Dit is per SW-er € 4.340. Dit is een stijging van de bijdrage per SW-er van € 788 t.o.v. 2020.

Over 2021 bedraagt de gemeentelijke bijdrage € 473.023.

Risico's

Een belangrijk risico betreft het risico dat de werkelijke uitstroom niet in de pas loopt met de fictieve uitstroom (volgens het landelijk rekenmodel). Hierdoor loopt WVS-Groep het risico dat het landelijk budget onder druk komt te staan door meer vraag. Het kan zo zijn dat de fictieve bijdrage SW hierdoor naar beneden wordt bijgesteld.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € 5.413.000,- , eind 2021 € -,-

Vreemd vermogen begin 2021 € 20.241.000,- eind 2021 € -,-

Resultaat 2021 € -,-

Aanvullende financiële richtlijnen begroting 2022

  1. De gevolgen van de besluitvorming over de ketensamenwerking worden verwerkt in de begroting.
  2. Wat betreft gezamenlijke activiteiten met het Werkplein Hart van West-Brabant en de ISD Brabantse Wal, zorgt WVS er voor dat hetgeen daarover in haar begroting is opgenomen aansluit bij de begrotingen van het werkplein en de ISD. De drie begrotingen zijn de basis voor de ketenbegroting.

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

    1. Om invulling te geven aan de ambities omtrent de ketensamenwerking met het Werkplein Hart van West-Brabant en ISD Brabantse Wal, stelt WVS in gezamenlijkheid met de Werkpleinen en in overleg met de deelnemende gemeenten jaarlijks een gezamenlijke ketenopdracht op. Wij verwachten dat WVS deze ketenopdracht zowel door vertaalt in de begroting voor 2022 als in een integrale ketenbegroting.
    2. WVS-groep maakt inzichtelijk welke activiteiten en risico’s verbonden zijn aan de afbouw van het huidige SW bestand in combinatie met de opdrachtportefeuille en stelt maatregelen voor om nadelige financiële gevolgen daarvan zoveel mogelijk te beperken.
    3. WVS-groep besteedt in de begroting aandacht aan de visie en ambitie rondom de doorontwikkeling van het leerwerkbedrijf. Daarbij verwachten we dat de gemaakte keuzes rond de verschillende PMC’s vertaald worden in concrete interne doelstellingen en acties die bijdragen aan het realiseren van de ketenopdracht.
    4. In de begroting 2022 zijn maatregelen opgenomen om de financiële gevolgen van de coronacrisis (gedeeltelijk) op te vangen.

4. Gemeenschappelijke regeling Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord (RAV)

Vestigingsplaats

Tilburg

Openbaar belang/doel

Het openbaar lichaam heeft tot doel het verlenen of doen verlenen van ambulancezorg.

Betrokkenen

De Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord is een gemeenschappelijk regeling van de gemeenten in het werkgebied Midden en West-Brabant (26 gemeenten) en van de gemeenten in het werkgebied Brabant-Noord (21 gemeenten).

Bestuurlijk belang

Het bestuur van het openbaar lichaam bestaat uit het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de voorzitter. Het Algemeen Bestuur bestaat uit één vertegenwoordiger per deelnemende gemeente. Het Dagelijks Bestuur, bestaande uit de voorzitter en maximaal 5 leden, worden uit en door het Algemeen Bestuur aangewezen. De voorzitter wordt aangewezen uit het midden van het Algemeen Bestuur en is zowel voorzitter van het Algemeen Bestuur als het Dagelijks Bestuur.

Financieel belang

Thema Mens en Samenleving

In de regeling is niet opgenomen hoe de door de deelnemende gemeenten te betalen bijdrage wordt bepaald, maar geschiedt op basis van een bedrag per inwoner. Voor het jaar 2021 wordt geen gemeentelijke bijdrage geraamd.

Risico's

Het weerstandsvermogen is voldoende om de in de beleidsbegroting genoemde risico’s op te vangen. De
ratio weerstandsvermogen bedraagt 2,8%.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € 13.749.000,- eind 2021 € 13.708.000,-.

Vreemd vermogen begin 2021 € 23.696.000,- eind 2021 € 27.096.000,-

Resultaat 2021 € -,-.

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

  1. De RAV waarborgt onder de nieuwe wet ambulancezorg de kwaliteit en continuïteit van de ambulancezorg in heel haar werkgebied. De ambulancezorg dient blijvend te worden uitgevoerd zonder gemeentelijke financiële bijdragen.
  2. De RAV informeert de gemeenten tijdig en volledig over de wijze waarop zij de ambulancezorg onder de nieuwe wet uit gaat voeren.
  3. Het Algemeen Bestuur heeft de definitieve besluitvorming over de meest geschikte rechtsvorm voor de RAV uitgesteld totdat er duidelijkheid is over de nieuwe ordening van de ambulancezorg. De RAV informeert de gemeenten over de mogelijkheden om over te gaan naar de meest geschikte rechtsvorm. De overgang mag voor gemeenten niet leiden tot nadelige (financiële) gevolgen.
  4. De RAV monitort de kwaliteit van ambulancezorg aan de hand van het landelijke kwaliteitskader en neemt de al beschikbare indicatoren uit dit kader op in de begroting. De responstijden A1 en A2 maken hier onderdeel van uit:
    1. responstijd A1 (melding-aankomst meer dan 15 minuten) 5,5%,
    2. responstijd A2 (melding-aankomst meer dan 30 minuten) 5%
  5. De RAV besteedt extra aandacht aan gemeenten waar de overschrijding van A1 ritten, op basis van de jaarstukken en cijfers over 2018, hoger ligt dan 12,5%. Aandacht in de vorm van paraatheiduitbreiding en/of verbeterde spreiding maar ook in de vorm van (financiële) ondersteuning bij het inrichten van AED netwerken met de geadviseerde 6-minutenzones in deze gemeenten. n.

5. Gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant (RWB)

Vestigingsplaats

Etten-Leur

Openbaar belang

Intergemeentelijke samenwerking om te komen tot een strategische agenda en een strategische visie.

Doel

Door samenwerking bij bovengemeentelijke beleidsmatige en strategische vraagstukken een bijdrage te leveren aan het realiseren van gemeentelijke en regionale doelstellingen. Daarnaast zijn de volgende samenwerkingsverbanden in deze nieuwe gemeenschappelijke regeling ondergebracht: SES (Sociaal Economische Samenwerking), KCV (Kleinschalig Collectief Vervoer), Regiobureau Breda, Milieu & Afval Regio Breda, GGA (GebiedsGerichteAanpak) en het Loopbaancentrum West-Brabant.

Betrokkenen

De deelnemende gemeenten (16 stuks) zijn: Alphen-Chaam, Altena, Baarle-Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Halderberge, Moerdijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Woensdrecht, en Zundert.

Bestuurlijk belang

Het algemeen bestuur wordt gevormd door de 16 gemeenten. Het college van iedere deelnemende gemeente wijst één lid en één plaatsvervangend lid aan. De leden van de West-Brabantse Vergadering (het AB) hebben elk een stem van gelijk gewicht. Besluiten met betrekking tot de begroting en de jaarrekening worden genomen met tenminste 10 stemmen voor, welke stemmen tenminste de helft van het aantal inwoners van het gebied plus 1 vertegenwoordigen.

Financieel belang

Thema's Mens en Samenleving / Economie, Toerisme en Recreatie / Bestuur en Dienstverlening.

De gemeentelijke bijdrage is voor wat het algemene deel betreft gebaseerd op het inwoneraantal op 1 januari van het jaar, voorafgaand aan dat waarvoor de bijdrage verschuldigd is. Naast de algemene bijdrage is de bijdrage afhankelijk van de activiteiten waaraan wordt deelgenomen.

Voor het jaar 2021 bedraagt de bijdrage € 730.062,-

Risico's

  • Als we subsidie aanvragen voor een project is het nagenoeg altijd op basis van cofinanciering, deze confinanciering - meestal in de vorm van geld moet dan wel geregeld zijn.
  • Opdrogen' van mogelijkheden op het gebied van subsidies.
  • Er bestaat een risico dat de subsidieverstrekker niet akkoord gaat met de verantwoording van de subsidie en dit leidt tot een onvoorzien tekort.
  • De omzet van Regioarcheologie en het Mobiliteitscentrum (met daarin diverse producten en diensten) blijft gevoelig voor de afname-volumes van de deelnemende organisaties. Er is bewust niet gekozen voor gedwongen winkelnering. Toegevoegde waarde moet blijken uit de geleverde kwaliteit.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € 504.000,-, eind 2021 € -,-

Vreemd vermogen begin 2021 € 4.136.000,-, eind 2021 €-,-

Resultaat 2021 € -,-

Aanvullende financiële richtlijn begroting 2022

Bij de uitvoeringsgerichte taak Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie.

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

  1. In de 2e bestuursrapportage wordt een voortgangsrapportage verwacht over de realisering van het actieprogramma 2019-2023.
  2. In de begroting 2022 wordt een doorkijk gegeven naar het actieprogramma vanaf 2023.
  3. In de begroting 2022 dient een voorstel opgenomen te zijn over de voortzetting van de financiering van het programma VTE.

6. Gemeenschappelijke regeling Programma voorkoming schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten

Vestigingsplaats

Breda

Openbaar belang/doel

De gemeenschappelijke regeling is aangegaan met als doel het behartigen van de belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van de uitvoering van de Leerplichtwet 1969 en de Regionale Meld en Coördinatiefunctie.

De gemeente Steenbergen mandateert alleen de bevoegdheid op het gebied van uitvoeringsniveau 1 (toezicht op de naleving van de Leerplichtwet 1969 en de registratie van voortijdig schoolverlaters) aan het gemeenschappelijk orgaan.

Betrokkenen

De gemeenten in de regio West-Brabant bestaande uit de gemeenten Altena, Alphen-Chaam, Baarle Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Drimmelen, Etten-Leur, Geertruidenberg, Halderberge, Moerdijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Woensdrecht en Zundert.

Bestuurlijk belang

Het gemeenschappelijk orgaan bestaat uit de aangewezen leden van het college van Burgemeester en Wethouders van alle deelnemende gemeenten en wijzen uit hun midden een voorzitter, alsmede plaatsvervanger, aan.

Financieel belang

Thema Mens en Samenleving

De gemeente draagt naar rato van het aantal inwoners van 5 tot 23 jaar (per 1 januari van het voorgaande begrotingsjaar) bij in de zowel de personeelskosten als de uitvoeringskosten die verbonden zijn aan de uitvoering van de taken van het Programma.

Voor het jaar 2021 bedraagt de bijdrage € 13.395,-

Riscio's

Steenbergen blijft zelf eindverantwoordelijk t.a.v. deze wettelijke taak, Breda is gemandateerd om de centrale leerling administratie te voeren. Risico blijft beperkt tot maximaal de jaarlijkse bijdrage.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € -,- eind 2021 € -,-

Vreemd vermogen begin 2021 € 1.350.000,-, eind 2021 € -,-

Resultaat 2021 € -,-

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

n.v.t.

7. Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant (OMWB)

Vestigingsplaats

Tilburg

Openbaar belang

Op 1 juni 2013 is de Omgevingsdienst MWB (OMWB) gestart, als één van de 29 Omgevingsdiensten in Nederland. De OMWB is een gemeenschappelijke regeling, opgericht door 27 gemeenten en de provincie Noord-Brabant. Deze participeren in de Gemeenschappelijke Regeling. De gemeenten en provincie zijn zowel eigenaar als opdrachtgever van de OMWB.De gemeenschappelijke regeling OMWB kent een Algemeen en een Dagelijks Bestuur. Het bestuur vergadert 4 a 5 keer per jaar. Het bestuur stelt de inhoudelijke en financiële kaders voor de organisatie vast.

De omgevingsdienst is belast met de uitvoering van het verplichte Landelijke Basispakket, het vervullen van een adviserende taak op het terrein van de vergunningverlening, toezicht en handhaving, alsmede een coördinerende en afstemmende taak tussen deelnemers.

Doel

In het Besluit Omgevingsrecht van 1 juli 2017 (BOR) is bepaald dat de Omgevingsdienst in opdracht van de 28 bevoegde gezagen een adequate uitvoering geeft aan de taken vergunningverlening, toezicht en handhaving voor milieu- en andere omgevingsrechtaken. De taken van de dienst zijn in het BOR vastgelegd, het zogenoemde wettelijke basistakenpakket (BTP). Naast de wettelijke basistaken die aan de dienst zijn opgedragen hebben de bevoegde gezagen de vrijheid om verzoektaken met betrekking tot milieu en ook andere beleidsvelden op te dragen aan de dienst. Bijvoorbeeld ten aanzien van ruimtelijke ordening en bouw.In 2018 is de verhouding tussen wettelijke basistaken en verzoektaken ongeveer 83% - 17%.

Betrokkenen

Betrokkenen zijn de provincie Noord-Brabant alsmede de gemeenten Altena, Alphen-Chaam, Baarle Nassau, Bergen op Zoom, Breda, Dongen, Drimmelen, Halderberge, Heusden, Hilvarenbeek, Etten-Leur, Geertruidenberg, Gilze en Rijen, Goirle, Loon op Zand, Moerdijk, Oisterwijk, Oosterhout, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Tilburg, Waalwijk, Woensdrecht, en Zundert.

Bestuurlijk belang

De colleges van B en W en Gedeputeerde Staten zijn deelnemers in de gemeenschappelijke regeling. Gezamenlijk vormen zij het Algemeen Bestuur, waarin iedere deelnemer met één wethouder/burgemeester en gedeputeerde deelneemt. Het AB heeft de rol van eigenaar en is verantwoordelijk voor de continuïteit, de kwaliteit en het financieel beheer van de OMWB. Kernachtig gezegd: het AB heeft een kaderstellende en toezichthoudende rol. Het AB stelt de begroting en de jaarrekening vast. Voor de jaarlijkse begroting geldt een zogenoemde zienswijze procedure, waarbij de gemeenten en provincie in de gelegenheid zijn een inhoudelijke reactie in te brengen op de begroting. Uit het AB wordt een DB benoemd. De DB leden maken deel uit van het AB.De vergaderingen van het AB worden door het DB voorbereid. Het DB neemt ook bestuursbesluiten die geen besluitvorming in het AB behoeven, dit conform hetgeen is bepaald in de Gemeenschappelijke Regeling.

Op 15 december 2017 heeft het AB een besluit genomen over een duurzame financiering van de OMWB.

De grondslag daarvoor is de zogenoemde MWB norm.Deze norm heeft betrekking op de uitvoering van de wettelijke basistaken van de dienst. In de wettelijke basistaken kan onderscheid worden gemaakt tussen enerzijds inrichtinggebonden taken en anderzijds de niet inrichtinggebonden taken (resp. categorieën 1-7 en 8-11 van het Besluit Omgevingsrecht van 1 juli 2017). De ruggengraat van de MWB norm wordt gevormd door het Inrichtingen Bestand en het door het AB vastgestelde ambitieniveau voor de niet inrichtinggebonden taken. Jaarlijks stelt het AB de tarieven voor de declarabele uren vast. De norm voor declarabiliteit is thans gemiddeld 1350 declarabele uren per medewerker in het primair proces. Dit is het uitgangspunt voor de begroting.De OMWB heeft een risicoreserve. Deze reserve is gebaseerd op de jaarlijks door het AB -via de begroting- vast te stellen risico analyse.

Financieel belang

Thema Fysieke leefomgeving en Duurzaamheid

De gemeente draagt op basis van vastgelegde tarieven en/of productprijzen per geleverde prestaties / inzet. Een eventueel negatief resultaat kan naar rato van ieders afname (=omzet) ten laste van de deelnemers worden gebracht. We zijn in het verleden geconfronteerd met negatieve resultaten. Met de uitvoering van het plan "Huis op Orde" en het uitvoeren van bezuinigingen wordt getracht te komen tot een adequate bedrijfsvoering. Dit biedt echter geen garantie dat er niet opnieuw sprake kan zijn van incidentele dan wel structurele prijsverhogingen of incidentele/structurele verhogingen van onze bijdrage aan de OMWB. De bijdrage 2021 is geraamd op € 552.629,-.

Risico's

De begroting is opgesteld op basis van de MWB-norm. Enerzijds betekent dit dat een aantal gemeenten dient toe te groeien naar een aanvaardbaar minimum niveau voor de inrichting gebonden taken op basis van het gevalideerde IB-bestand 2.0, anderzijds is er een aantal gemeenten dat op dit moment een hogere ambitie heeft dan het aanvaardbaar minimumniveau. Deze gemeenten hebben het recht om de deze ambitie met jaarlijks maximaal 25% af te schalen. De OMWB loopt hier een risico. De kans wordt ingeschat op maximaal 50%.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € 1.843.000,- , eind 2021 €,-

Vreemd vermogen begin 2021 € 1.371.000,- , eind 2021 € ,-

Resultaat 2021 € -,-

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

  1. De begroting 2022 moet Omgevingswetproof worden opgesteld. Dit betekent concreet dat de organisatorische, financiële en beleidsmatige gevolgen van de Omgevingswet vertaald worden in de begroting. De gevolgen mogen niet automatisch leiden tot een verhoging van de deelnemersbijdrage, mogelijk wel tot een verschuiving. De resultaten van het toegezegde efficiency-onderzoek (eind 2020/begin 2021) worden concreet (herleidbaar) in de begroting 2022 opgenomen. Efficiënter werken kan leiden tot een lagere deelnemersbijdrage.
  2. De deelnemersbijdrage voor Programma 1 (verplichte basistaken) in 2022 moet gebaseerd zijn op de nieuwe verplichte basistaken volgens de Omgevingswet en het efficiencyonderzoek.
  3. Breng in de begroting de gevolgen van de “warme” overdracht bodemtaken van provincie naar gemeenten voor zowel de omgevingsdienst als deelnemers(bijdrage) in beeld.
  4. Hanteer bij het opstellen van de begroting het principe nieuwe werkzaamheden voor oud. Kijk eveneens kritisch naar bestaande werkzaamheden en evalueer deze tijdig (nut en noodzaak).
  5. Hanteer bij het opstellen van de begroting de voorwaarden uit de vastgestelde Nota verbonden partijen West-Brabant.
  6. Neem de resultaten uit de evaluatie van de MWB-norm (incl. financieringssystematiek) mee in de begroting 2022.

8. Gemeenschappelijke regeling Intergemeentelijk Sociale Dienst Brabantse Wal (ISD BW)

Vestigingsplaats

Bergen op Zoom

Doel

De gemeenschappelijke regeling heeft tot doel de regionale uitvoering van de regelingen op het gebied van bijstandsverlening, werkgelegenheid en inkomensvoorzieningen.

Betrokkenen

Deelnemers in de gemeenschappelijke regeling zijn de gemeenten Bergen op Zoom, Steenbergen en Woensdrecht.

Bestuurlijk belang

Het gemeenschappelijk orgaan bestaat uit de door de deelnemende colleges van burgemeester en wethouders aangewezen wethouder van de deelnemende gemeente. Zij benoemen uit hun midden een voorzitter. Besluiten van het gemeenschappelijk orgaan worden bij gewone meerderheid van stemmen genomen. De leden uit de gemeenten Woensdrecht en Steenbergen hebben beide één stem, het lid van de gemeente Bergen op Zoom heeft 2 stemmen.

Financieel belang

Programma Economie, Toerisme en Recreatie

De bijdrage aan de regeling is gebaseerd op de verdeelsleutel "klantenaantal". Voor het jaar 2021 bedraagt de bijdrage € 1.347.113,-.

Risico;s

In de begroting is geen omvang van het risico opgenomen.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

De GR heeft geen eigen en vreemd vermogen.

Financiële richtlijnen begroting 2022

  1. Van het Gemeenschappelijk Orgaan (GO) van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) wordt verwacht dat zij een structureel financieel-sluitende meerjarenbegroting 2022-2025 aanbiedt aan de deelnemers. De gehanteerde begrotingsuitgangspunten door de GR dienen in de begroting 2022 van de GR inzichtelijk te worden gemaakt. In de begroting 2022 dient een overzicht te worden opgenomen met de meerjarige bijdrage (2022 t/m 2025) per deelnemer.
  2. De begroting dient te worden opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Dat wil zeggen dat geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken in de primitieve begroting mogen worden opgenomen. Tenzij dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten.
  3. De begroting dient te voldoen aan het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Dit betekent dat de voorgeschreven gegevens in de begroting dienen te worden opgenomen. Met name wordt aandacht gevraagd voor:
    1. Overzicht van incidentele lasten en baten;
    2. Opnemen van (prestatie) indicatoren in de begroting;
    3. Verwachte stand begin en eind begrotingsjaar van Eigen en Vreemd vermogen.
  4. Een positief resultaat vloeit terug naar de deelnemers. De GR kan hiervan afwijken; hiertoe dient het GO een expliciet en gemotiveerd besluit tot resultaatbestemming voor te leggen aan de raden van de deelnemende gemeenten.
  5. De loonontwikkeling wordt geraamd conform de geldende CAO van de betreffende GR. Voor de meerjarig ontwikkeling van de salariskosten dient rekening gehouden te worden met de werkelijke periodieken. Meerjarige mutaties in de werkgeverslasten dienen onderbouwd te worden. Voor deze zaken kan niet worden volstaan met een vast percentage per jaar zonder onderbouwing*.
  6. Het prijsindexcijfer van de algemene prijsontwikkeling CPI uit de septembercirculaire 2020 (of een actuelere circulaire) is de basis voor de toe te passen indexering voor de begroting 2022 inclusief meerjarenraming*.
  7. Het GO onderzoekt mogelijkheden om te komen tot verdere bezuinigingen.
  8. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is, voor zover aanwezig, aandacht voor de risico’s door deze te kwantificeren en prioriteren en (waar aan de orde) de beheersingsmaatregelen te benoemen.

* tenzij door het GO besloten is tot een andere wijze van indexering.

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

  1. De ISD heeft als hoofddoel om uitstroom van werkzoekenden naar regulier betaald werk te realiseren.
  2. Daarnaast heeft de ISD als taak om sociale uitsluiting en armoede te voorkomen door (inkomens-)ondersteuning en schuldhulpverlening te verlenen.
  3. De activiteiten van de ISD vormen een keten met de activiteiten van de WVS en het Werkplein Hart van West Brabant. Dit komt tot uitdrukking in een integrale ketenbegroting. De activiteiten van de ISD vormen ook een keten met de activiteiten van stichting samen werken en ook hieraan wordt in de begroting expliciet aandacht besteed.
  4. De ISD, WVS en SSW dienen hun activiteiten en inspanningen in samenhang te bezien, waarbij het resultaat van de organisaties tezamen optimaal dient te zijn.
  5. De ISD en de WVS werken vanuit de vraag van de werkgever aan het versterken van vaardigheden en competenties van werkzoekenden en het ontwikkelen van activiteiten op het gebied van werk of participatie inclusief voor werkzoekenden met een arbeidsbeperking en/of indicatie beschut werken.
  6. De ISD participeert aan en in de integrale toegangen van elk van de deelnemende gemeenten alsmede in het werkcentrum waar het betreft de werkgeversdienstverlening.
  7. De gemeenschappelijke regeling is actueel en in overeenstemming met de governancestructuur van de ISD.

9. Gemeenschappelijke regeling West-Brabants Archief (WBA)

Vestigingsplaats

Bergen op Zoom

Doel

Het WBA draagt bij aan een efficiënte en effectieve borging van digitale informatie voor de bedrijfsvoering, verantwoording en controleerbaarheid nu en voor erfgoed in de toekomst. Het WBA faciliteert de gemeenten in het maken van een omslag naar digitale archivering en informatievoorziening.

Betrokkenen

In de gemeenschappelijke regeling nemen de volgende gemeenten deel: Bergen op Zoom, Etten-Leur, Halderberge, Moerdijk, Roosendaal, Rucphen, Steenbergen, Woensdrecht en Zundert.

Bestuurlijk belang

Het algemeen bestuur wordt gevormd door de deelnemende gemeenten. Het college van iedere deelnemende gemeente wijst één lid en één plaatvervangend lid aan. Deze worden benoemd voor een periode gelijk aan de zittingsduur van het college. Het algemeen bestuur vergadert minimaal 2 maal per jaar.

Financieel belang

Thema Bestuur en Dienstverlening

De bijdrage aan de regeling is gebaseerd op de verdeelsleutel "aantal strekkende meters archief" zoals die in de archiefbewaarplaats opgenomen dienen te zijn.

Voor het jaar 2021 bedraagt de bijdrage € 135.902,-

Risico's

De gemeente draagt bij in eventueel nadelig saldo.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

Eigen vermogen begin 2021 € 158.100,- , eind 2021 € ,-

Vreemd vermogen begin 2021 € 1.265.172,- , eind 2021 € ,-

Resultaat 2021 € -,-

Beleidsmatige richtlijnen begroting 2022

De volgende zaken dienen uiterlijk in 2022 gefaciliteerd of gerealiseerd te zijn vanuit het WBA:

  1. In samenwerking met het WBA is er een planning per gemeente opgesteld voor de verdere opname van informatie die openbaar ontsloten en opvraagbaar kan worden vanuit het e-depot.
  2. Het WBA heeft een duidelijke regierol en werkt intensief samen met deelnemers om te zorgen voor vulling van het e-depot.
  3. Het WBA is volledig geëquipeerd voor het beheer namens de deelnemers van dit e-depot.
  4. Informatie van het WBA is makkelijk raadpleegbaar.
  5. Een proactieve digitale dienstverlening wordt voor zowel de interne als externe klanten de standaard.
  6. We verwachten dat het WBA ons meeneemt bij de consequenties van nieuwe wetgeving en de hieruit voortvloeiende beleidsdocumenten.

Vennootschappen en coöperaties:

1. BNG Bank N.V. (BNG)

Vestigingsplaats

Den Haag

Doel

De BNG is de bank van en voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde financiële dienstverlening draagt de BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. De strategie van de bank is gericht op het behouden van substantiële marktaandelen in het Nederlands maatschappelijk domein en het handhaven van een excellente kredietwaardigheid (Triple A).

Betrokkenen

Overheden en instellingen op het gebied van volkshuisvesting, gezondheidszorg, onderwijs, cultuur en openbaar nut (publieke sector).

Bestuurlijk belang

De gemeente Steenbergen heeft geen zetel in het bestuur van de BNG. De gemeente heeft als aandeelhouder wel stemvergadering van aandeelhouders.

Financieel belang

Programma Bestuur en Dienstverlening

De bank is een structuurvennootschap. De Staat is houder van de helft van de aandelen, de andere helft is in handen van gemeenten, provincies en een waterschap. De gemeente Steenbergen bezit 11.583 aandelen van € 2,27 per aandeel (0,02% van het totale aantal van 55.690.720 aandelen).

Risico's

De bank beschikt over een uitgebreid risicomodel, waarmee alle risico's goed in beeld zijn en binnen de (wettelijke) normen blijven. Ook de beheersmaatregelen zijn op orde.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

De laatst bekende gegevens zijn:

Eigen vermogen begin 2020 € 4.887 miljoen, half 2020 € 4.856 miljoen.

Vreemd vermogen begin 2020 € 144.802 miljoen, half 2020 € 162.129 miljoen

Resultaat 2020 nog niet bekend.

Bovenstaande bedragen betreffen de stand van de halfjaarcijfers van 2020.

2. NV Brabant Water

Brabant Water is in januari 2002 tot stand gekomen door een fusie van Waterleidingmaatschappij Oost-Brabant (WOB) en Waterleiding Maatschappij Noord-West-Brabant (WNWB).

Vestigingsplaats

Den Bosch

Doel

Het primaire doel is het verzorgen van een betrouwbare en zuivere watervoorziening voor iedereen in het werkgebied van Brabant Water.

Betrokkenen

De aandelen van Brabant Water zijn nagenoeg geheel in handen van de Brabantse gemeenten en de provincie Noord-Brabant.

Bestuurlijk belang

Door middel van het bezit van aandelen Brabant Water heeft de gemeente Steenbergen stemrecht in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. In het geval van de gemeente Steenbergen bedraagt de stemverhouding in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op basis van het aantal aandelen in bezit: 33.826 / 2.779.595 = 1,2%.

Financieel belang

Programma Bestuur en Dienstverlening

De gemeente Steenbergen loopt een financieel risico, maximaal voor wat betreft het vermogensbeslag wat in de nominale waarde van de verkregen aandelen zit. De aandelen in eigendom zijn gewaardeerd tegen een bedrag van € 104.369,- (nominale waarde na fusie).

Risico's

Brabant Water heeft een aantal strategische risico's (bijv. verontreiniging van de drinkwaterbron), operationele risico's (bijv. betrouwbaarheid van de waterleidingen), financiële verslaggevingsrisico's en compliance risoco's benoemd. Voor alle risico's zijn beheersmaatregelen getroffen. Het weerstandsvermogen is ruim voldoende.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

De laatst bekende gegevens zijn:

Eigen vermogen begin 2019 € 636 miljoen, eind 2019 € 665 miljoen.

Vreemd vermogen begin 2019 € 457 miljoen, eind 2019 € 480 miljoen

Resultaat 2020 niet bekend.

Stichtingen en verenigingen:

1. Stichting Samen Werken

Vestigingsplaats

Bergen op Zoom

Openbaar belang

Binnen de Stichting SamenWerken zijn in samenwerking met het WVS Groep vanaf 1998 een aantal projecten ontwikkeld. De deelnemers worden geselecteerd uit de gemeentelijke bestanden van het cluster sociale zaken in het kader van de sociale activering en worden ingezet op grond van het participatiebudget van de Wet Werk en Bijstand. Het voordeel voor gemeenten en opdrachtgevers is dat door middel van de projecten meerdere doelstellingen worden bereikt: de sociale en werkgelegenheidsdoelstelling én de uitvoering van (gemeentelijke) werkzaamheden tegen acceptabele kosten. De ontwikkeling, de leiding en de ondersteunende werkzaamheden van alle projecten worden uitgevoerd door medewerkers van het WVS West Noord-Brabant die (gedeeltelijk) bij de Stichting SamenWerken gedetacheerd zijn. De kosten worden zoveel mogelijk direct doorberekend aan de projecten. De projecten moeten in principe kostendekkend zijn. Nadelige en voordelige resultaten op afzonderlijke projecten worden echter gesaldeerd zodat één totaalresultaat voor de projecten ontstaat.

Doel

Terugdringen van de afstand van de deelnemers tot de arbeidsmarkt.

Betrokkenen

De drie gemeenten Bergen op Zoom, Woensdrecht en Steenbergen.

Bestuurlijk belang

Van de drie gemeenten hebben de drie wethouders met de portefeuilles 'Sociale Zaken / Maatschappelijke Ondersteuning' zitting in het bestuur.

Financieel belang

Programma Economie, Toerisme en Recreatie

In principe kan de gemeente enkel worden aangesproken indien bij een eventuele liquidatie van de stichting sprake is van een negatief vermogen. Een batig saldo bij ontbinding van de stichting vervalt aan de deelnemende gemeenten naar rato van hun financiële inbreng gedurende de periode van hun deelnemerschap.

Risico's

Er zijn momenteel geen specifieke risico's in beeld.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

De laatst bekende gegevens zijn:

Eigen vermogen begin 2019 € 240.000,-, eind 2019 € 252.000,-

Vreemd vermogen: begin 2019 € 176.000,-, eind 2019 € 178.000,-

Resultaat 2020 niet bekend

2. Stichting Inkoopbureau West-Brabant (SIW)

Vestigingsplaats

Etten-Leur

Openbaar belang

Het creëren van voordelen op zowel financieel, kwalitatief en procesmatig gebied op het terrein van inkoop en aanbestedingen voor de zelfstandige gemeenten en voorts al hetgeen met één en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevordelijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord

Doel

Het professionaliseren van de inkoopfunctie bij de deelnemers.

Missie: het in de ruimste zin van het woord ontzorgen van de deelnemers op het gebied van inkoop.

Visie: het toonaangevende instituut te zijn, om in elke inkoop gerelateerde behoefte van onze deelnemers te voorzien, met professionele en integere medewerkers.

Betrokkenen

Op dit moment 24 deelnemers, waarvan het merendeel gemeenten uit Zuid-Holland, Noord-Brabant en Zeeland.

Bestuurlijk belang

Het algemeen bestuur is samengesteld uit vertegenwoordigers van alle deelnemers. Vanuit het algemeen bestuur wordt een dagelijks bestuur gekozen

Financieel belang

Programma Bestuur en Veiligheid

De deelnemers worden afgerekend op basis van de uitgevoerde inkooptrajecten.

Risico's

Er zijn momenteel geen specifieke risico's in beeld.

Eigen vermogen, vreemd vermogen en resultaat

De laatst bekende gegevens zijn:

Eigen vermogen: begin 2019 € 279.690,-, eind 2019 € 493.007,-

Vreemd vermogen: begin 2019 € 333.645,-, eind 2019 € 332.404,-

Resultaat 2019: € 213.688