Totaal overzicht baten en lasten

Rekening 2017

Begroting 2018

Begroting 2019

Begroting 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Lasten

Programma mens en samenleving

16.491.301

15.340.554

17.123.858

16.843.251

16.117.066

15.978.673

Programma kunst, cultuur en erfgoed

621.176

645.995

839.687

737.595

610.856

610.856

Programma fysieke leefomgeving en duurzaamheid

20.403.925

17.542.337

21.562.264

16.722.204

16.467.567

16.442.502

Programma economie, toerisme en recreatie

12.637.355

11.878.817

11.661.722

11.480.546

11.373.050

11.382.722

Programma bestuur en dienstverlening

23.297.482

10.149.996

10.863.778

10.633.396

10.873.658

10.902.334

Totaal lasten

73.451.240

55.557.699

62.051.309

56.416.991

55.442.196

55.317.086

Baten

Programma mens en samenleving

-9.881.651

-8.556.436

-1.527.872

-1.242.736

-625.372

-625.372

Programma kunst, cultuur en erfgoed

-167.941

-175.246

-322.746

-237.746

-122.746

-122.746

Programma fysieke leefomgeving en duurzaamheid

-13.201.235

-9.876.317

-13.214.750

-8.312.071

-8.060.629

-7.982.110

Programma economie, toerisme en recreatie

-9.747.562

-8.583.863

-5.362.208

-5.259.374

-5.259.373

-5.259.373

Programma bestuur en dienstverlening

-41.029.770

-28.365.838

-41.808.086

-41.553.625

-41.887.596

-42.055.025

Totaal baten

-74.028.158

-55.557.699

-62.235.661

-56.605.551

-55.955.715

-56.044.625

Saldo

-576.919

-

-184.352

-188.560

-513.519

-727.539

Structureel evenwicht begroting

De gemeenteraad heeft de wettelijke taak een begroting vast te stellen die structureel en reëel in evenwicht is. Op basis van onderstaand overzicht, gebaseerd op een door de provincie Noord-Brabant geadviseerd format, wordt aangetoond dat de begroting 2019 en meerjarenraming 2019-2022, conform de uitgangspunten in het BBV, structureel en reëel in evenwicht zijn. Dit houdt in dat structurele lasten kunnen worden gedekt met structurele baten. Indien dit niet het geval zou zijn, zou de kans groot zijn dat er op termijn een begrotingstekort ontstaat. De huidige ramingen tonen aan dat dit risico op dit moment niet aan de orde is.

Het structureel en reëel begrotingsevenwicht wordt berekend door de totale lasten en baten te verminderen met de incidentele lasten en baten. Het saldo dat over blijft moet op termijn positief zijn (de structurele baten zijn dan groter dan de structurele lasten).

Begroting

jaarschijf

2019

2020

2021

2022

PROG1 programma mens en samenleving

16.578.811

16.298.205

15.572.019

15.433.627

PROG2 programma kunst, cultuur en erfgoed

728.852

626.760

500.021

500.021

PROG3 programma fysieke leefomgeving en duurzaamheid

9.454.014

8.988.997

8.719.802

8.718.256

PROG4 programma Economie, toerisme en recreatie

6.071.647

5.890.471

5.782.975

5.792.647

PROG5 programma bestuur en dienstverlening

10.436.950

10.206.568

10.446.830

10.475.506

totaal van programma's

43.270.274

42.011.001

41.021.647

40.920.057

Algemene dekkingsmiddelen

-40.206.702

-40.681.215

-41.113.597

-41.413.617

Onvoorziene uitgaven

50.000

50.000

50.000

50.000

Subtotaal programma's

3.113.572

1.379.786

-41.950

-443.560

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

-3.297.924

-1.568.346

-471.569

-283.979

Geraamd begr.saldo (- = voord.saldo/+ = nad.saldo.)

-184.352

-188.560

-513.519

-727.539

Incidentele baten en lasten

134.225

204.950

88.700

104.950

Structureel begrotingssaldo (- = voord.result./+=nad.result.)

-318.577

-393.510

-602.219

-832.489